De zomer is aangebroken en iedereen geniet van het mooie weer. We kunnen toe met minder kleren en dan wordt zichtbaar dat er in de afgelopen decennia toch echt iets veranderd is in Nederland. Waar vroeger alleen de wat oudere dames met bloemetjesschorten(OMG, ik word echt oud) en oudere heren uitdijden rondom de taille, zie je nu steeds meer kinderen en jongeren met een blubberbuikje.
Tja, het is een lastig onderwerp. Ik wil er zeker geen oordeel over vellen (alhoewel de naam blubberbuikje wel negatief klinkt), maar ik wil uitleggen waarom dit vetrolletje zo graag over de rand van de broek heen kijkt. Het maakt namelijk nogal wat uit waar je precies uitdijt. De gevolgen van buikvet op je gezondheid zijn veel groter dan van vetopslag op de billen. Een blubberbuikje kan een signaal zijn dat je in de trein stapt, op weg naar diabetes.
Buikvet ontstaat bij een glucoseoverschot. Wanneer je teveel koolhydraten(suikers en zetmeel) eet in verhouding met hoeveel je daarvan in energie kunt omzetten, word je dikker (en dan meestal op de buik). Normaal gesproken wordt de glucose die niet gebruikt wordt als eerste opgeslagen in de vorm van glycogeen in de lever en de spieren. Maar als de glycogeenopslagplaatsen vol zijn, zal de glucose die niet gebruikt kan worden om energie van te maken, opgeslagen worden in de vorm van vet. Een mooie opslagplaats is dan het omentum, ofwel het buikvlies.
Er zijn twee situaties waarbij de glucose omgezet wordt in vet. Wanneer je teveel koolhydraten eet en te weinig beweegt, of in het geval van insulineresistentie. Misschien heb je daar al eens iets over gehoord, maar ik zal er toch nog even mijn licht over laten schijnen.
Bij insulineresistentie zijn de spiercellen ongevoelig geworden voor insuline, met als gevolg dat glucose niet zo makkelijk de spiercel in kan. Want insuline zorgt ervoor dat glucose gebruikt kan worden om er energie van te maken. Insuline klopt op de deur van de cel, waarna glucose naar binnen kan. Daar kan er dan energie van gemaakt worden.
Bij insulineresistentie lukt dit niet zo goed. De glucose kan dan wel de vetcellen in, waar het wordt opgeslagen als vet.
En ja hoor, dan krijg je zo’n leuk vetrolletje boven de rand van je broek en ben je moe. Nou ja, leuk….
Veel mensen denken dat je insulineresistentie ontwikkelt door het eten van teveel zoetigheid. En ik denk dat het anders zit. Volgens mij schakelt het lichaam zelf de insulinereceptoren uit, als oplossing voor een onderliggend probleem. Ik zie het als een noodmaatregel, als een oplossing waarbij er brandstof gespaard wordt voor het brein of voor het immuunsysteem. Naar mijn idee ligt de oorzaak daarom in een verborgen ontstekingsreactie (of allergie), of een chronische stresssituatie.
En weet je wat? Bij die noodsituaties krijg je vanzelf trek in koolhydraten, je gaat vanzelf meer eten om toch nog energie te kunnen maken. En hoe meer koolhydraten je gaat eten, hoe meer vetrolletjes er ontstaan…
De oplossing ligt dus niet alleen in meer bewegen en het minderen van de koolhydraten, maar vooral ook in het zoeken naar de onderliggende oorzaak. Een goede behandelaar kan je helpen met je speurtocht. Is het een verborgen ontstekingsreactie of een chronische stresssituatie?
In mijn boek de Oerspronkelijke keuken vind je veel koolhydraatbeperkte gerechten, van ontbijt tot avondmaaltijd. Ga maar eens aan de gang om te zien of jij je blubberbuikje weg krijgt, daarmee voorkom je dat jouw trein vertrekt richting diabetes.
Yvonne van Stigt, master in de klinische Psycho Neuro Immunologie
Yvonne van Stigt
Laatste berichten van Yvonne van Stigt (toon alles)
- In één keer van je trauma af, kan dat? - 31 oktober 2021
- De diepere lagen van het ontstaan van lipoedeem - 24 oktober 2021
- Boos - 26 december 2020
- Verantwoordelijk - 19 december 2020
- Waarom wil niet iedereen een prikje? - 12 december 2020
Geef een reactie